ZOETERMEER – De branchevereniging voor fabrikanten van hang- en sluitwerk, VHS, heeft enkele leden die naast hang- en sluitwerk ook glasvezelversterkte kunststof (GVK) onderdorpels produceren. Deze leden zoeken naar een duurzame verwerking van de restmaterialen die vrijkomen bij de productie van deze onderdorpels.
Deze dorpels worden sinds 2008 toegepast in alle typen kozijnen in de Nederlandse bouwsector, en worden als losse componenten toegeleverd aan de kozijnfabrikanten. Glasvezelversterkte kunststof dorpels gaan enorm lang mee, en zijn nagenoeg onverslijtbaar. Ze komen om die reden nu nog niet of nauwelijks voor in reststromen van sloop- of oogstprojecten. Maar de fabrikanten van deze dorpels hebben in het productieproces allemaal te maken met een interne reststroom van glasvezelversterkte kunststof zaag- en verwerkingsafval, wat nu via de reguliere afvalstromen uit beeld raakt.
Op initiatief van de Circulaire Geveleconomie nodigde de VHS naast de eigen leden ook de overige Nederlandse fabrikanten van glasvezelversterkte kunststof onderdorpels uit voor een meeting bij de Circular Recycling Company (CRC) in Rotterdam-Botlek. Op dinsdag 19 mei 2026 verzamelden alle fabrikanten – BUVA, Ekosiet, Holonite, ISC, Luvema, Maco, S2 en Venster Techniek – samen met vertegenwoordigers van de VHS en Circulaire Geveleconomie zich bij CRC.
CRC houdt zich sinds enkele jaren bezig met recycling van thermohardende composieten. Thermohardende composieten wordt gemaakt van hars en glasvezel of koolstofvezel. Glasvezelversterkte kunststof dorpels vallen onder de categorie glasvezel composieten. Tijdens het recycling-proces ontstaan er drie fracties; 70 procent hiervan bestaat uit een grof en een fijn recyclaat van glasvezels. De overige 30 procent bestaat uit stof waar CRC doormiddel van een chemisch proces pyro-olie van maakt. Deze pyro-olie kan worden gebruikt als grondstof voor nieuwe plastics. De recyclaten van glasvezels worden weer ingezet als grondstoffen voor producten in de bouw- en infratechniek.
De insteek voor de meeting bij CRC was, naast over en weer kennismaken, samen inventariseren of de partijen als collectief van fabrikanten de glasvezelversterkte kunststof reststromen kunnen bundelen en aanbieden aan CRC. Waarmee de bedrijven deze stromen uit de afvalstromen halen en in beeld houden, met de garantie dat van de reststromen nieuwe grondstoffen worden gemaakt. Na de interessante meeting en rondleiding is afgesproken om hier met elkaar een vervolg aan te geven en een gezamenlijk actieplan – onder regie van CGE – uit te werken.










